Het grote Bocuse d’Or-avontuur zit erop voor Peter Aesaert en Michelle Boone. De Belgische deelnemer aan de meest prestigieuze wedstrijd in de gastronomie blikt samen met ons terug.

“De 30ste editie van de Olympische Spelen van de gastronomie was van een uitzonderlijk niveau”, aldus Jerôme Bocuse, zoon van en voorzitter van de Bocuse d’Or. Bovendien kunnen een aantal landen, de Scandinavische bijvoorbeeld, maar vast en zeker ook de Verenigde Staten, rekenen op steun vanuit de overheid of privé.

Peter Aesaert wist dus van tevoren dat hij niet met gelijke wapens zou strijden en had dus redenen om z’n verwachtingen niet al té hoog te stellen. Rekening gehouden met de beperkte budgetten, en dus beperkte trainingsmogelijkheden, was hij vooraf al tevreden met een plaats in de top-10. En die verwachting heeft hij toch mooi ingelost.

WEDSTRIJDVERLOOP

Team België was ingedeeld in de eerste dag van de competitie, samen met onder meer gastland Frankrijk, het Scandinavische drieluik Noorwegen-Zweden-Denemarken, Nederland en de verrassende winnaar van de Europese halve finale, Hongarije.

De wedstrijd bestaat erin om twee gerechten vanaf scratch te bereiden voor een jury van professionele koks. Daarvoor heeft elk team, dat bestaat uit een chef, een commis en een coach 5u35min de tijd. Het eerste gerecht moet op bord gepresenteerd worden na 5 uur; daarna heeft elk team nog 35 minuten de tijd om het tweede gerecht af te werken, dat op een schotel moet gepresenteerd worden alvorens het team het gerecht portioneert.

De deelnemers moeten hun creaties om beurten presenteren, met telkens tien minuten tussen twee deelnemers in. Team België kwam als achtste aan de beurt, vlak na gastland Frankrijk, vlak voor Denemarken – beide landen behoren traditioneel tot de favorieten.

PRIMEUR: VEGANISTISCH

De grote nieuwigheid dit jaar was het opgelegde thema voor het eerste gerecht: dat moest volledig veganistisch zijn. Voor de ingrediënten hadden de deelnemers de keuze uit een kleine 150 producten die ze ter plaatse moesten aankopen, maar ze mochten ook eigen streekproducten meebrengen.

“Niet evident”, gaf Aesaert meteen na de wedstrijd toe. “In de klassieke keuken ben je gewoon van minimale groenteporties te bereiden en hebben die een ondersteunende of zelfs puur decoratieve functie. Er een volledig gerecht rond op te bouwen, vergde wel wat creatief denkwerk. We kregen het thema ook pas een maand van tevoren opgelegd en die tijd hebben we écht nodig gehad om het gerecht op punt te krijgen.

Team België koos voor een gerecht met onder meer aardpeer in verschillende structuren, champignons, spruiten en portobello’s. “Het was moeilijk, maar de trainingen hebben echt vrucht afgeworpen. Ik was echt tevreden over het resultaat in de wedstrijd.”

GESCOORD MET ORGANISATIE

Opmerkelijk was de rust die Aesaert en Boone uitstraalden. “We zijn rustig van start gegaan”, licht Aesaert toe. “Zeker in dat eerste half uur komt het erop aan om je zenuwen onder controle te houden en geen stommiteiten te doen door té snel te willen zijn. Eens je dan bezig bent, kun je het tempo wat opvoeren. En zo is het ook gegaan. We zijn zéér ruim binnen de tijd gebleven.”

Tussendoor zagen we chef en commis vaak rommel opruimen, aanrecht nog eens extra schoon maken… “Organisatie in de box is heel belangrijk. Ik heb na de wedstrijd van een aantal mensen van de keukenjury (een aantal koks, waaronder de Belgische ex-medaillewinnaar Ferdy Debecker, lopen voortdurend door de boxen om te zien of er nergens onregelmatigheden gebeuren; nvdr.) gehoord dat ze onder de indruk waren van onze organisatie en netheid.

BETER OP TRAINING

Ook voor de presentatie van het tweede gerecht waarbij moest gewerkt worden met Bressekip en schaaldieren, liep alles op rolletjes. “Toch was ik hier net iets minder tevreden over”, aldus Aesaert. “Tijdens de trainingen is het ons een aantal keren beter gelukt.”

Uiteindelijk haalde Aesaert een mooie negende plaats binnen, waarmee hij de verwachtingen inloste, maar uiteindelijk geen mirakel kon stellen. België moest landen als Hongarije, Frankrijk, Finland, Zweden en Australië voor laten gaan, maar klopte zelf wel Denemarken, Nederland en Japan.

“Na de eerste dag dacht ik dat we op weg waren naar een podium”, aldus Ambiance-medewerker en bronzen medaillewinnaar Guy Van Cauteren. “Maar toen moest die tweede dag nog komen.”

DE WINNAARS

Geen mirakel, dus. Op een podiumplaats of een nevenprijs zullen we dus nog minstens twee jaar moeten wachten.

Naast de medailles waren er ook nog verschillende nevencategorieën. De eerste, de prijs voor de beste promotieposter, ging naar Hongarije. Ook voor het beste promotiefilmpje was er een prijs; die ging naar Australië.

De prijs voor het beste groentebord ging naar Frankrijk, de prijs voor het beste vleesgerecht, ging naar Hongarije, dat daarmee meteen z’n tweede troostprijs won.

Het goud in de hoofdcategorie ging voor de allereerste keer naar Verenigde Staten, zilver was voor Noorwegen, brons voor IJsland.