Tartiflette

Ingrediënten

Voor 4 personen

  • 800 g aardappelen
  • 3,3 dl room
  • 3,3 dl halfvolle melk
  • 1,6 dl droge witte wijn
  • 500 g reblochonkaas

 

  • 250 g witte ui
  • 100 g gezouten boter
  • 250 g gerookt spek
  • 1 dl olijfolie
  • Peper van de molen

Bereiding

  1. Schil de aardappelen, maar leg ze niet in water. Snijd ze in schijven, op een dikte van 0,5 cm. Kook de aardappelschijven al dente, dwz. beetgaar zoals ook met spaghetti gedaan wordt, want ze garen straks verder in de oven. Giet ze af maar spoel ze niet met koud water, om het zetmeel te behouden.
  2. Doe de korst van 200 g reblochonkaas. Kook de room en de melk samen met de kaas en de wijn. Roer regelmatig om, zodat de kaas erin smelt. Kook in tot sausdikte, neem van het vuur en houdt onder deksel, of dek af met aluminiumfolie.
  3. Reinig de ui en snijd in fijne plakjes (émincer). Laat ze smelten in een klont boter. Haal ze uit de pan bij 3/4 gaarheid en laat uitlekken in een vergiet. Haal het vel en kraakbeen van het spek en snijd het spek in kubusjes van 1,5mm dikte. Bak in een weinig olijfolie goudbruin en laat uitlekken op keukenpapier.
  4. Verwarm de oven voor op 180°C. Schik de aardappelen in een ingeboterde ovenschaal. Verdeel de uien en de spekreepjes over de aardappelen en overgiet met de saus. Snijd de rest van de reblochon (300 g) in de lengte in dunne repen van 0,5 cm dik. De korst mag eraan blijven. Schik de schijven dakpansgewijs over het gerecht, zo dat het helemaal bedekt is. Zet de schotel in de oven op warmeluchtfunctie of met de grill aan, om een lichtbruine gratineerkorst te bekomen. Dit zal 10 minuten duren.