Ruim acht maanden nadat Peter Aesaert van de wereldfinale in Lyon terugkeerde met een méér dan verdienstelijke negende plaats, trekt de karavaan zich opnieuw op gang. Op 19 november wordt beslist wie ons land mag vertegenwoordigen. Eén van de vijf finalisten is zowaar een vaste medewerker aan Culinaire Ambiance.

Vijf Belgische toppers zijn genomineerd voor de nationale finale van de Bocuse d’Or, die op 19 november zal plaatsvinden op de Horeca Expo-beurs in Gent. Daar zullen ze twee bereidingen moeten voorstellen aan de jury, telkens voor 14 personen.

De eerste bereiding moet op bord worden gepresenteerd. Het thema: pasta – schaaldieren – kaas. Een erg ruim thema, dat door de deelnemers zelf mag worden ingevuld (vorm van de pasta, keuze van schaaldieren en kaas…). Enige voorwaarde: er moeten ook grijze garnalen gebruikt worden.

De tweede bereiding komt op plateau. De deelnemers moeten aan de slag met een kalfsribstuk van 6 kg en moeten twee van de volgende vier ingrediënten mee in de bereiding vermelden: kalfszwezerik, kalfspoot, kalfsnier en kalfskop. Daarnaast moeten nog drie garnituren bereid worden, waarvan één exclusief met groenten. De winnaar moet zich dan volgende zomer tijdens de Europese in Turijn proberen te plaatsen voor de wereldfinale in Lyon.

Maar zover zijn we natuurlijk nog lang niet. Op dit ogenblik willen we maar één ding weten: wie wint de Belgische finale? Er zitten fameuze kleppers tussen, waaronder Kenny BERNAERTS van Studio Bern, een van de vaste medewerkers aan Culinaire Ambiance. Je vindt zijn bijdrage steevast achteraan het magazine, in het maandmenu.

ER ZIJN GEEN TRUCJES – ALHOEWEL…

Voor Bernaerts is het de tweede keer dat hij deelneemt aan de Belgische finale. Zes jaar geleden werd hij al eens tweede, vlak achter… Peter Aesaert. Sindsdien is hij de Bocuse van dichtbij blijven volgen. “Ik heb de afgelopen zes jaar alle Europese halve finales en alle wereldfinales gevolgd en was vaak in de marge bij het Belgische team betrokken geweest.”

‘Trucjes’ om goed te presteren op de wedstrijd, zijn er niet, zegt Bernaerts. “Alhoewel… als je erin slaagt om het vleesgerecht, dat op plateau moet geserveerd worden, warm tot bij de jury te krijgen, heb je méér dan een stapje voor”, zegt onze medewerker.

“Die tweede bereiding op plateau is altijd een heel gedoe”, legt Bernaerts uit. “Tussen het moment waarop de plateau je keuken verlaat en het ogenblik dat je je eerste bord aan het eerste jurylid presenteert, gaat er vaak 15 minuten verloren. Je moet eerst de plateau presenteren voor de hele jury, dan voor de journalisten en fotografen… En ondertussen koelt alles af en verliest je gerecht smaak-technisch van z’n pluimen.”

Onvermijdelijk? Ja en nee, zegt Bernaerts. “De uitdaging bestaat erin om je gerecht zo samen te stellen dat het, zelfs al is het nog maar lauw, toch nog voldoende smaak heeft. Dat was één van de grote troeven van de winnaar van de vorige editie, de Verenigde Staten: zij hadden van dat probleem van de afkoeling hun voornaamste werkpunt gemaakt en je ziet hoe ver het hen heeft gebracht. Niet alleen dat, natuurlijk: de laatste jaren heeft Amerika nooit veel potten gebroken, maar sinds de vorige editie kunnen zij ook rekenen op een fors werkingsbudget. Wat dat betreft is het voor ons, Belgen, roeien met de riemen die we hebben. Daarom ook dat ik zo blij ben dat ook in België de overheid flink investeert in het Belgische team.”

 

EEN STERKE LICHTING

De andere deelnemers? We lijsten ze even op.

Dany LOMBART Le Val d’Heure, Montigny le Tilleul

Lode DE ROOVER Fleur de Lin, Zele

Karen TOROSYAN  – Bozar, Brussel

Jan VAN DE VELDE  – Martinique, België

Een sterke lichting, vindt Bernaerts. “Straffer dan de gemiddelde lichting van de vorige jaren. Nee, ik ga geen namen noemen van wie ik beschouw als mijn zwaarste concurrent. Ik zou er de anderen tekort mee doen.”

Wij wensen alle vijf kandidaten veel succes én inspiratie toe, maar niemand zal het ons kwalijk nemen dat wij toch een beetje supporteren voor onze eigen Kenny.