Taart met pecannoten, appel en karamel

Ingrediënten

Voor 1 taart van ca. 20 cm diameter 

  • 2 grote appelen, bv. jonagold
  • 120 g pecannoten
  • 1 vel kant-en-klaar kruimeldeeg
  • 100 g fijne rietsuiker + 1 eetl extra
  • 3 eetl esdoornsiroop
  • 1 koffiel citroensap + 4 eetl water
  • 50 g boter + 20 g extra
  • 1,5 dl volle room
  • 1 snuifje zeezout

Bereiding

  1. Neem een ronde bakvorm van circa 20 cm diameter en beleg de vorm met bakpapier, rol het deeg uit over de bakvorm en prik de bodem in met een vork. Leg een tweede vel bakpapier over het deeg en vul op met bakbonen, droge erwten of rijst. Verwarm de oven voor op 180°C en bak het deeg ‘blind’ tot het goudbruin en krokant is, haal halverwege de bakbonen uit het deeg zodat het gelijkmatig kan kleuren.
  2. Laat de taartkorst afkoelen op een rooster.
  3. Schil de appelen, verwijder het klokhuis en snijd ze in partjes. Smelt 1 eetl suiker in een antikleefpan tot de suiker karamelliseert en voeg de boter toe, voeg de appelpartjes toe wanneer de boter is gesmolten en karamelliseer de appelpartjes tot ze goudbruin en glazig zijn.
  4. Rooster de pecannoten lichtjes in een droge pan of in de oven als deze nog aanstaat.
  5. Doe de rietsuiker, de esdoornsiroop, een snuifje zout, het water en het citroensap in een steelpan en laat alles op een middelhoog vuur koken tot een donkerblonde karamel. Neem de pan van het vuur en voeg er achtereenvolgens, met enige voorzichtigheid, de boter en de room aan toe. Breng alles weer aan de kook tot een dik vloeibare karamelsaus.
  6. Verdeel wat van de karamelsaus over de taartbodem en schik er de appelpartjes en de pecannoten over. Verdeel de rest van de karamelsaus erover en laat alles op kamertemperatuur afkoelen.
  7. Serveer de taart eventueel met kaneel- of speculoosijs of met een lepel opgeklopte zure room.